De kans die de regering-De Wever kreeg om aan beide kanten van de taalgrens met een centrumrechtse combine het land spoorslags te hervormen, was werkelijk een unieke en mogelijk enige kans. Na goed een jaar aan de macht, en met het zwaarste begrotingswerk nog voor de boeg, valt de symmetrie al uit elkaar. Brengt de peiling van De Standaard, VRT NWS en de RTBF slecht nieuws voor de MR en (in mindere mate) voor Les Engagés, dan ondergraaft vooral het verschil in politiek en economisch buikgevoel tussen Vlaamse en Franstalige kiezers de stabiliteit van de federale regering. De Brusselse en Waalse kiezer voelt zich miskend, geminacht en vooral economisch bedreigd op een schaal die Vlaanderen niet (meer) kent. De communautaire tegenstelling schuift dus opnieuw als dreigende schaduw boven de Wetstraat, maar helemaal anders dan vijftien jaar geleden.

Tekenend voor hoe de verhoudingen in het land zijn verschoven, is hoe zelfverzekerd de Vlamingen zich voelen. Ze hebben, in vergelijking met Franstaligen, minder het gevoel dat op “mensen als ik” wordt neergekeken wegens “smaak en gewoonten”. Ze zijn veel minder dan Franstaligen ontevreden met de democratie. Ze hebben meer vertrouwen in wetenschap en experts om het beleid te sturen. Ze vinden dat ze politiek ernstiger genomen worden, dat de overheid hen gelijker bedient, en dat ze minder achtergesteld worden. Ze zijn minder pessimistisch. De crux is natuurlijk dat ze economische vooruitgang ervaren. Niet de eigen portemonnee is de belangrijkste zorg voor Vlamingen, maar de begroting. En daar hebben ze een sterke leider voor, door wie velen zich politiek vertegenwoordigd voelen, premier Bart De Wever.

Zo ziet een foto van een economische en politieke ontvoogding eruit, en vooral het Waalse beeld toont het tegendeel. Die tegenstelling uit zich nog het frappantst in hoe verschillend de kiezers van Vooruit en van de PS op cruciale vlakken zijn. Een ruime meerderheid van Vooruit-kiezers steunt zelfs de lastigste beslissingen van de regering, zoals de pensioenhervorming. De PS-kiezers zijn veel pessimistischer, voelen veel meer achteruitgang, voelen zich cultureel geminacht, en er stroomt een brede rivier van kiezers richting de uiterst linkse PTB. Ze passen voor het gestook van Georges-Louis Bouchez. Dat stoot af. Met zijn populisme, zijn koopkrachtmantra’s en zijn drammerige verzet tegen belastingen staat hij te kijk als ongeloofwaardig. Zijn unieke coalitie van kiezers heeft hij nu al uiteengespeeld.

Hoe deze regering over het hooggebergte van de begroting raakt, is een raadsel. Dat De Wever extra tijd krijgt tot 2034, is fictie. Bouchez was altijd al de man die de Belgische carrière van De Wever in handen had, en dus van een hervormingsregering. Maar het echt onthullende nieuws van deze politieke barometer is dat de toenemende instabiliteit niet alleen aan hem ligt, en dat veel grotere krachten die tot ontgoocheling en verbittering leiden, de politieke gemeenschappen uiteendrijven.