Van de CD&V-kiezers gaat meer dan de helft ermee akkoord om het defensiebudget te verhogen tot 5 procent van het bbp, van de Vooruit-kiezers 43 procent. Dat blijkt uit De Stemming, het jaarlijkse opinieonderzoek van De Standaard, VRT NWS en de RTBF. De vraag legde vooral bij die twee regeringspartijen een verdeelde achterban bloot. Want tegelijk gaat 34 procent van de CD&V-kiezers níét akkoord met de verhoging. Bij de Vooruit-kiezers is dat liefst 46 procent.

Het is een opvallende vaststelling in het licht van de federale begrotingsdiscussie. De regering-De Wever moet dringend op zoek naar 7 miljard euro om de noodlijdende begroting terug op Europese koers te trekken. Zowel Vooruit als CD&V neemt daarbij de defensie-miljarden steeds feller in het vizier.

“Ik vind de uitgaven voor defensie klote”, zei Vooruit-voorzitter Conner Rousseau vorige week in het weekblad Humo. “Ja, we moeten geld uitgeven aan defensie, maar het mag gerust wat minder zijn.”

Eerder had zijn vicepremier Frank Vandenbroucke in De Standaard al aangegeven dat een vertraging van de defensie-uitgaven op de regeringstafel moet komen. En ook CD&V-voorzitter Sammy Mahdi stond al openlijk op de rem. “Stel dat we dat doel van 2 procent van het bbp voor het leger even terugbrengen naar 1,8 procent, dan zou dat ons al 600 miljoen euro opleveren”, zei hij in De Morgen.

Ter opfrissing: na lange onderhandelingen beloofde de regering om dit jaar de harde defensie-uitgaven op te trekken naar 2 procent van het bbp. Op termijn moet dat bedrag volgens de Navo-afspraken nog verder aangroeien naar 3,5 procent van het bbp aan harde defensie-uitgaven, plus 1,5 procent aan ‘defensiegerelateerde’ zaken, goed voor in totaal 5 procent van het bbp. Maar Vooruit en CD&V stellen nu dus zelfs de 2 procent opnieuw in vraag.

De twee regeringspartijen negeren daarmee de oproep van premier Bart De Wever (N-VA). Hij noemde die 2 procent vorige week nog “het absolute minimum” en “in marmer gekapt”. “Mensen die denken dat daar nog veel op kan worden bespaard, zijn mensen die de geopolitiek niet echt goed doorgronden”, zei hij fel bij VTM Nieuws. “Dat is wat je aan lidgeld verschuldigd bent aan de Navo, een organisatie die in ons land duizenden mensen tewerkstelt en waarvan wij volledig afhankelijk zijn voor onze veiligheid.”

De Wever heeft daarbij alvast de minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) expliciet aan zijn kant. Die benadrukte onlangs in het Zweedse Helsingborg, waar de ministers van Buitenlandse Zaken van de 32 Navo-landen bijeenkwamen, het belang van de 2 procent voor de internationale geloofwaardigheid van België. Ook voor Prévot is dat getal het absolute minimum.

Ook een groot deel van de achterban van Vooruit en CD&V schaart zich dus, volgens De Stemming, achter de premier en zijn minister van Buitenlandse Zaken. Al moet daarbij wel benadrukt worden dat de bevraagden niet reageerden in functie van een begrotingsoefening. De expliciete keuze tussen pakweg een besparing op de sociale zekerheid en een besparing op defensie had mogelijk een ander resultaat opgeleverd. Maar hoe dan ook lijkt het op basis van de bevraging toch een gevoelige kwestie om net die defensie-miljarden als politiek strijdtoneel uit te kiezen, ook wetende dat 86 procent van de Vlaamse kiezers oordeelt dat Europa militair volledig op eigen benen moet kunnen staan.