Op communicatievlak is de Belgische premier Bart De Wever (N-VA) een vreemde eend in de bijt. Tot nu toe organiseerde hij voor de vaderlandse pers slechts twee persconferenties, telkens na een nachtelijke onderhandelingsronde. In de zomer was dat toen zijn regering het zomerakkoord gesloten had, in het najaar volgde de tweede over het begrotingsakkoord.

De premier gaf wel al talloze lezingen in binnen- en buitenland. En er is natuurlijk het Instagramaccount van zijn kat Maximus, waar hij op gezette tijden politieke boodschappen op subtiele wijze tot bij het publiek brengt. Een premier is alleen verplicht om aan het parlement te communiceren. Dat doet De Wever rigoureus. Maar grote interviews met de premier blijven schaars. De spaarzame communicatie van De Wever is een bewuste strategie. Dat blijkt uit een lezing die zijn woordvoerder, Philippe Kerckaert, afgelopen woensdag gaf op een evenement van de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka.

Op dat besloten evenement wisselde een honderdtal woordvoerders, veelal van grote bedrijven, ervaringen uit. De pers was er niet, maar Nathalie Meert, woordvoerster van een Brits chemieconcern, deed er op Linkedin verslag over. De woordvoerder van Voka bevestigt dat haar post de teneur van de uiteenzetting grotendeels vat. Aan De Standaard wil Meert geen extra commentaar geven, maar haar bericht bevat veel informatie.

Daarin omschrijft ze hoe Kerckaert, econoom van opleiding, de dynamiek van politieke communicatie uitlegde aan de hand van de vraag- en aanbodcurve. ”Creëer schaarste en je drijft de prijs op van de waarde van elk woord van de politicus, zeker als het gaat om de premier van het land.” De voordelen van die strategie zijn legio. Met “weinig interviews en veel keynotes” is het makkelijker om de controle over het narratief te behouden en leg je de focus op de eigen hoofdlijnen. Zo benut de premier “elke proactieve communicatie om minstens een van de drie hoofdthema’s van de partij te laten resoneren: de welvaartsstaat, economie-industrie-energie en identiteit”.

De premier laat de waan van de dag aan zich voorbijgaan. Ook ziet hij politiek als een zero-sum game. Elke communicatieve uitschuiver kan winst zijn voor een ander. Daarom moet elk mediaoptreden zorgvuldig afgewogen worden. In een debat met politieke tegenstanders probeert hij telkens de “raakpunten en twistappels” in te schatten. Zo brengt hij “het gesprek naar jouw expertisedomein, waar je kunt uitpakken”. Een laatste tip? Over een thema dat aan een andere partij kleeft, “communiceer je best niet te veel, zodat dat thema niet te veel gaat domineren in het maatschappelijk debat”. Uit De Stemming, het opinieonderzoek van de UAntwerpen, De Standaard, VRT en RTBF, blijkt dat dit werkt. De Wever is erin geslaagd om zijn thema (budget en financiën) helemaal bovenaan te krijgen in het lijstje van thema’s die de Vlaming het belangrijkst vindt.

In lijn met zijn communicatiestrategie wilde Kerckaert aan De Standaard geen commentaar geven over de inhoud van de lezing.