De superlatieven vlogen in het rond bij de kwartaalrapportages van de grote oliebedrijven. BP meldde dinsdagochtend de grootste kwartaalwinst in meer dan vier jaar. Shell deed het vorige week nog beter met de op een na hoogste kwartaalwinst ooit. Chevron overtroefde die prestatie en verbrak het record uit 2022. Het Saudische Aramco verdiende 33 procent meer dan een jaar geleden. ExxonMobil harkte het hoogste winstbedrag binnen sinds het begin van de oorlog in Oekraïne. TotalEnergies realiseerde het beste kwartaal in bijna drie jaar tijd. De zes maatschappijen boekten tussen begin april en eind juni samen 37 miljard dollar meer winst dan in dezelfde periode vorig jaar. De gezamenlijke winst steeg met 83 procent.

De oorlog in Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz doen de kassa van de oliebedrijven erg luid rinkelen. Aramco, de Saudische olieproducent die dinsdag met cijfers kwam, heeft zijn olie de afgelopen drie maanden voor gemiddeld 108,10 dollar kunnen verkopen. Een jaar eerder was dat 66,70 dollar. Tegelijk liepen de geproduceerde volumes wel terug. De hoge olieprijs is een meevaller, maar ook de sterke prijsschommelingen leveren vele miljarden extra op.

De fluctuerende prijzen maken de handel in olie bijzonder lucratief. Als de olieprijs daalt na een hoopgevend bericht van de Amerikaanse president Donald Trump over een nakende vredesdeal, loont het de moeite om olie te kopen, die op te slaan in depots of tankschepen, en weer te verkopen als de olieprijs stijgt na nieuw dreigend oorlogsgeweld. Bijna alle grote oliebedrijven hebben tradingdivisies die zich specifiek bezighouden met dit soort activiteiten. “Vooral de onrust op de markt is de oorzaak van de megawinsten”, vatte Bloomberg het samen.

Daarnaast was ook de raffinage van olie erg winstgevend. Door de blokkade van de Straat van Hormuz is een deel van de wereldwijde raffinagecapaciteit onbruikbaar geworden. Er kunnen nu dagelijks 5 miljoen vaten ruwe olie minder geraffineerd worden dan normaal. Analist Neil Mehta van Goldman Sachs noemt de raffinagecapaciteit “de belangrijkste flessenhals in de productieketen, waardoor de marges buitengewoon hoog zijn”. De zakenbank waarschuwde maandag voor een mogelijk dieseltekort, omdat ook de Russische raffinagecapaciteit beperkt is door de aanhoudende aanvallen van Oekraïne.

Het verschil tussen de prijs van ruwe olie en die van afgewerkte producten zoals diesel, benzine of kerosine is fors opgelopen. Vooral de productie van kerosine is erg lucratief geworden. Uit de cijfers van Shell blijkt dat het bedrijf het afgelopen kwartaal 24 dollar verdiende aan de raffinage van een vat olie. Een jaar eerder was dat 17 dollar. De extra kosten die luchtvaartmaatschappijen daardoor moeten maken, vloeien rechtstreeks naar de oliemaatschappijen. Dinsdag publiceerde Lufthansa, de moedermaatschappij van Brussels Airlines, nog een winstwaarschuwing in verband met de hoge brandstofprijzen. Het aandeel daalde prompt met 9 procent.

De hoge winsten zijn goed nieuws voor de aandeelhouders van de oliemaatschappijen. De meeste grote olieproducenten zijn dit jaar 23 tot 27 procent in waarde gestegen. Maar het zijn de consumenten die de winsten moeten ophoesten. De prijs van benzine is in de Verenigde Staten weer boven 4 dollar per gallon (3,785 liter) uitgestegen. Dat houdt voor president Trump een politiek risico in. Hij heeft aan de Amerikaanse justitie opdracht gegeven om een onderzoek in te stellen naar de prijzen aan de pomp, die volgens hem niet snel genoeg reageerden op de dalende prijs van ruwe olie.

“Dit bevalt me niet”, zei Trump maandagavond tegen verslaggevers in het Witte Huis. “Ik zou de laatste moeten zijn om dat te zeggen, want ik ben een voorstander van de vrije markt, maar ik zeg het loud and clear: ik ben hier niet gelukkig mee.” Trump stapt daarmee in de voetsporen van zijn voorganger Joe Biden. Die hekelde ook de inhaligheid van de oliemaatschappijen toen de prijs van brandstoffen omhoogschoot na de Russische inval in Oekraïne.

De financieel directeur van ExxonMobil, Neil Hansen, had dergelijke beschuldigingen eerder al afgewezen. De marges in de olie-industrie blijven volgens hem relatief laag, en de prijs aan de pomp wordt beïnvloed door vraag en aanbod. “Producenten zijn niet in staat om aan prijszetting te doen”, zei hij. De meeste oliemaatschappijen besteden de extra inkomsten aan de afbouw van hun schulden. Dat is veiliger dan de dividenden verhogen, want de winstopstoot is niet structureel. Het dividend verlagen als de geopolitieke situatie weer kalmeert, zou beleggers kunnen teleurstellen.