Ook op de beurzen is het klimaat oververhit. De bedrijfswinsten blijven de verwachtingen van de analisten overtreffen, waarop die hun prognoses voor dit en volgend jaar almaar verhogen. Tegelijk neemt het risico op een ontgoocheling toe. Een goede strategie voor de kleine belegger is om niet mee te gaan in euforie noch angst, maar goed te diversifiëren, af en toe wat winst te nemen en terug te keren als de angst opnieuw opduikt.

De voorspoedige groei van de bedrijfswinsten steekt schril af tegen het pessimisme en de vrees sinds de start van de oorlog van de VS en Israël tegen Iran. Ondanks veelvuldig loze verklaringen van de Amerikanen lijkt er noch voor de blokkering van de Straat van Hormuz noch voor de vijandelijkheden in het Midden-Oosten een einde in zicht.

Het lijkt contradictorisch, maar de hogere olieprijs draagt ondertussen wel bij aan de winstgroei. Met name de olie- en gasbedrijven zagen hun winsten sterk toenemen. Daarnaast werd de lagere doorvoer via de Straat van Hormuz gecompenseerd door het aanspreken van de energiereserves (vooral in China) en extra toevoer vanuit de VS. Bovendien bleek bij vorige prijsschokken ook al dat de westerse economie minder afhankelijk is van fossiele energie dan vroeger.

Tot slot hebben de aandelenbeleggers de hogere inflatie en rente per saldo naast zich neergelegd. Daardoor is de risicopremie voor aandelen klein geworden. De risicopremie is de extra vergoeding die beleggers normaal krijgen op aandelen tegenover overheidsobligaties (versta: het extraatje dat beleggen in risicovolle aandelen kan opleveren vergeleken met een risicoloze belegging zoals staatsobligaties).

De Amerikaanse aandelen noteren nu tegen meer dan 20 keer de verwachte winst (koers-winstverhouding), terwijl de Amerikaanse tienjaarsrente 4,7 procent bedraagt; dus is er nauwelijks nog een premie. U kunt de risicopremie berekenen door het winstrendement van een aandeel gelijk te stellen aan 100 en te delen door de koers-winstverhouding, hier dus 20, en u komt uit op 5 procent. Of nauwelijks meer dan de 4,7 procent op Amerikaanse obligaties.

De allergrootste factor achter de winstbonanza is natuurlijk artificiële intelligentie. Meer dan de helft van de winstgroei bij de bedrijven in de MSCI-wereldindex is te danken aan de sectoren informatietechnologie en communicatie. Boven op de al draaiende groeimotor gaan er gigantische bedragen naar de bouw van datacenters voor AI-toepassingen. Het zijn allang niet meer alleen Nvidia en Taiwan Semiconductor (TSMC) die de bestellingen voortdurend zien klimmen. Er is een run op de machines van ASML, op chips van ontwerpers zoals Broadcom en AMD en de geheugenchips van de Zuid-Koreanen Samsung en SK Hynix. Het zijn ook gouden tijden voor leveranciers van elektrische infrastructuur zoals Vertiv en het Franse Schneider, voor leveranciers van beton en ook voor outsourcebedrijven die de tienduizenden werknemers op de werven van gigantische datacenters voorzien van maaltijden en slaapplaatsen.

De zogenaamde hyperscalers zoals Microsoft, Amazon en Alphabet boeken een enorme groei via de rekencapaciteit die ze via de cloud verkopen. Een handvol superbedrijven investeert dit jaar een fabelachtige 800 miljard dollar in AI. De Amerikaanse zakenbanken voorspellen ondertussen al een groei tot 1.200 miljard dollar volgend jaar.

Of de globale bedrijfswinsten te danken zijn aan de eerste effecten van AI-gebruik, is onduidelijk. Sommige analisten gaan ervan uit dat AI de productiviteit en de winsten van heel wat bedrijven op termijn een boost kan geven. Anderen waarschuwen voor flessenhalzen en misrekeningen. Revoluties volgen nooit een rechte lijn. Op de beurs was er het voorbeeld van de knappende internetzeepbel in het jaar 2000, toen Amazon met veel geluk overleefde en de koers van Microsoft, dat toen al een reus was, snel halveerde.