De jury van de Boon Literatuurprijs ruimde vier van de vijftien plaatsen op de longlist in voor non-fictie, met twee vuistdikke biografieën: Mark Schaevers’ De levens van Claus en Alles gaat op vroeger terug, waarin Annet Mooij het leven van Ischa Meijer vertelt. Niña Weijers bedrijft in Cassandra haar eigen versie van true crime: ze beschrijft hoe ze gebiologeerd raakt door de verdwijning en dood van een zeventienjarig meisje uit Almere. Melani Reumers filosofeert in de essays van De wereld een lichaam over het lichaam en lichamelijkheid.

Bij de romanciers op de lijst vinden we veel relatief nieuwe namen, met ook twee debutanten: Maria Kager haalt de lijst met De buitengewoon geslaagde opvoeding van Frida Wolf, een met allusies op Alice in Wonderland doorspekt verhaal over een meisje dat eenzaam opgroeit als dochter van een tirannieke gevangenisdirecteur. Safae el Khannoussi verrast met een bundeling van met elkaar verknoopte verhalen in Orropa, de Marokkaans-Arabische naam voor Europa. Centraal staat de Joods-Marokkaanse kunstenares Salomé.

De kroon met twee pieken van Guido Van Heulendonk sierde eerder ook al de shortlist van de Boekenbon Literatuurprijs. Geheel trouw aan zichzelf schetst Van Heulendonk het leven van een kleurloze ambtenaar en zijn familie. Een tweede Vlaamse naam op de lijst is Kristien De Wolf, die in Mooie Jo aantoont dat het niet altijd een zegen is om onaards knap te zijn. Maud Vanhauwaert schetst in Toscahoe een vertaalster in de ban raakt van een mentaal instabiele jonge vrouw. Tosca haalde eerder ook de shortlist van de Libris Literatuurprijs, in het gezelschap van De onzichtbaren van Frank Nellen: het verhaal van twee jongens tegen de achtergrond van de afbladderende Sovjet-Unie en de kernramp van Tsjernobyl.

Thomas Heerma van Voss neemt in Het archief de wereld van de literaire tijdschriften onder de loep. Maurits de Bruijn voert in Man maakt stuk een queer kunstenaar op die uit frustratie over de overlast dat een groepje jongens ’s nachts onder zijn raam veroorzaakt vlijmende kunstwerken maakt over het heersende manbeeld in onze maatschappij.

Net als vorig jaar haalt een graphic novel de longlist, met De bondgenoten van Brecht Evens, een fabel over de paranoïde wereld van complotdenkers. Arnon Grunberg en Thé Tjong-Khing gingen een bondgenootschap aan om een prentenboek voor volwassenen te schrijven: Zevenpoot werd een geïllustreerd boek voor volwassenen, dat aan de hand van een piepkleine baby met acht beentjes – waarvan hij er een breekt – de maatschappij fileert. In Ossenkop ten slotte, schildert Manik Sarkar de op- en neergang van een kwaliteitsslager.

Op de longlist van de Boon voor Jeugdliteratuur vinden we veel bekende namen terug. Evelien De Vlieger is tweemaal aan het feest: in Het grote kippenboek, met illustraties van Jan Hamstra, vertelt ze alles wat je nog niet wist wat je wilde weten over de kip. Onder de brug is een adolescentenroman waarin de bijna fatale val van een getroebleerde tiener centraal staat. Verder haalden het beeldverhaal De reis naar morgenochtend van Joke van Leeuwen de lijst en twee poëziebundels waarin beeld een prominente rol speelt: in Ommouw me van Ted van Lieshout spelen kledingstukken de hoofdrol, Dichter bij de seizoenen van Bette Westera is natuurpoëzie in een waaier van poëtische vormen. In Wat ons nog rest doet Aline Sax het relaas van een jonge vrouw in Berlijn in de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog. Ook Eenbeen van Thijs Goverde speelt zich af tegen de achtergrond van een oorlog – ingezet door de ‘Euraziatische Alliantie’, in een toekomstig Europa waarin de Lage Landen volledig onder water staan. Gerda Dendooven buigt zich over het ouderschap en loslaten in het prentenboek Waar is winter? In De spin en de sleutel van Anna Woltz staan een influencer en een prepper centraal. Oever, het debuut van illustrator Ludwig Volbeda is het gevoelige portret van een tiener die leert te erkennen dat hij trans is.

De grote vloed van Sjoerd Kuyper is een dystopisch avonturenverhaal over klimaatopwarming, gekruid met een flinke snuif absurditeit. Hotel Kosmos van Yelena Schmitz portretteert een meisje dat het beste probeert te maken van haar vakantie in een afbladderend pretpark, dat symbool staat voor het verbrokkelende huwelijk van haar ouders. Maria van Donkelaar, Martine van Rooijen en Wendy Panders hervertellen in zwierige verzen en stripachtige illustraties Het onvergetelijke verhaal van Reinaert de Vos. Ook jongere lezers komen aan hun trekken met De lijst van Violet Sopjes, over een kind dat haar sociale angsten moet zien te bezweren en Maksie, een avontuurlijk verhaal van Mathilde Stein en Jan Jutte over een dappere hond in een dierenwinkel die niét bij een oud dametje terecht wil komen.

De shortlists van de Boonprijzen worden bekendgemaakt in januari. Op 25 maart weten we wie de winnaars zijn.