Er komt geen einde aan de treurmars van Keir Starmer. De Britse premier moest maandag alweer een ontketend Lagerhuis trotseren. De voltallige oppositie, maar ook een deel van de eigen Labour-parlementsleden, wilden van hem horen waarom hij hen twee maanden geleden had bezworen dat de benoeming van Peter Mandelson tot ambassadeur in Washington volledig volgens de regels was verlopen, terwijl de administratie wel degelijk bezwaren had gemaakt.

Volgens Starmer had hij dat pas vorige week vernomen, waarna hij prompt Olly Robbins had ontslagen. Robbins is het hoofd van het ministerie van Buitenlandse Zaken en een van de meest gerespecteerde topambtenaren van het Verenigd Koninkrijk. Volgens Starmer had Robbins “bewust nagelaten” de regering op de hoogte te brengen dat er wel degelijk problemen waren met Mandelson. “En dat is onaanvaardbaar”, beklemtoonde hij in zijn verdediging voor het Lagerhuis.

Tegelijk gaf hij voor het eerst toe dat de benoeming van Lord Mandelson een vergissing was geweest. Ter herinnering: Mandelson was een goede vriend van zedendelinquent Jeffrey Epstein. Dat wist iedereen. Meteen na de benoeming werden al vragen gesteld. Maar volgens de regering was Mandelson het best geschikt om te dealen met president Trump. Toen vorig jaar de Epstein-files naar buiten kwamen, bleek de relatie tussen Mandelson en Epstein wel heel “speciaal” te zijn geweest. Mandelson bleek hem bijvoorbeeld ook Britse staatsgeheimen te hebben doorgespeeld. De Londense politie onderzoekt die zaak.

Hoewel Starmer Mandelson heeft ontslagen, hangt de zaak al maanden als een molensteen om zijn nek. Steeds weer duiken er nieuwe onthullingen op die de premier almaar verder in het nauw brengen. Alleen lijkt hij dat zelf niet zo te zien. Voortdurend schuift hij de schuld voor het debacle in de schoenen van iemand anders. Twee maanden geleden stapte zijn kabinetschef Morgan McSweeney op, omdat hij de premier had geadviseerd Mandelson te benoemen. “Dat was verkeerd en daarvoor neem ik de volledige verantwoordelijkheid”, schreef hij.

McSweeney was weinig populair. Daarom werden om zijn ontslag weinig tranen gelaten. Over het ontslag van Olly Robbins is de verontwaardiging veel groter. Hij wordt door vriend en vijand gezien als een ervaren en loyale ambtenaar. Hij werkte voor Tony Blair, David Cameron en Theresa May toen die premier waren. Ook Europa leerde hem kennen tijdens de chaotische Brexit-onderhandelingen, maar dat die niet wilden vlotten was meer de schuld van May dan van Robbins. Voor Cameron was hij veiligheidsadviseur.

Dat precies een man met zoveel ervaring bewust zou hebben nagelaten Starmer op de hoogte te brengen van de problemen met Mandelson, geloven weinigen. Zelfs Starmer moest in het Lagerhuis toegeven dat het nauwelijks geloofwaardig was. Toch gooide hij zijn topambtenaar opnieuw voor de bus. Robbins’ argument om te zwijgen, hield volgens Starmer geen steek.

Dat zal de vertroebelde relaties tussen de regering en de ambtenaren er niet op beter maken. Het wordt uitkijken naar wat Robbins zelf te zeggen heeft over de affaire. Hij getuigt dinsdag in een aparte parlementscommissie. Zal hij de schuld helemaal op zich nemen? Als hij dat niet doet, wordt de positie van de premier nog meer precair.

Tijdens het debat maandag toonde een deel Labour-parlementsleden zich niet echt enthousiast over het verweer van hun premier. Zij weten dat de partij over nauwelijks twee weken de rekening gepresenteerd krijgt. Wales en Schotland kiezen een nieuw parlement en in grote delen van Engeland zijn er lokale verkiezingen. Nu al staat vast dat Labour historische nederlagen tegemoetgaat.