“Dit is een wijze, zorgvuldig genomen beleidsbeslissing zonder politieke connotaties”, zei Suhail Al Mazrouei, de minister van Energie van de Verenigde Arabische Emiraten (VAE), over de aangekondigde uitstap uit de Organisatie van olie-exporterende landen (Opec). “De beslissing werd genomen op basis van een strategische en economische visie op de lange termijn. Alleen beslissen gaat absoluut sneller dan in groep beslissen.”

Door de uitstap uit het kartel, dat via afgesproken productiebeperkingen de internationale prijzen beïnvloedt, kunnen de Emiraten straks eigenhandig hun productie opdrijven en snel meer geld binnenhalen, klinkt het. Voorlopig blijft dat theorie, omdat de exportmogelijkheden van de Golfstaten drastisch beperkt worden door de gevolgen van de Iran-oorlog, met de feitelijke sluiting van de Straat van Hormuz als grootste hinderpaal. Tegelijk valt de beslissing van de Emiraten moeilijk los te zien van die oorlog en van een groeiend schisma met Saudi-Arabië, het grote buurland van de VAE en zwaargewicht binnen de Opec.

“Elke Golfstaat had zijn eigen politiek van ‘indamming’ tegenover Iran”, klaagde Anwar Gergesh, presidentieel adviseur en topdiplomaat van de VAE, maandag in Dubai. “Al onze verschillende manieren van aanpak hebben dramatisch gefaald.” Zodra de VS en Israël op 28 februari hun aanval op Iran lanceerden, kwamen Iraanse raketten en drones neer in de Golfstaten, met de Emiraten als belangrijkste doelwit.

De stadstaten Abu Dhabi en Dubai, geen van beide gemaakt voor oorlog, kwamen niet onverwacht in het Iraanse vizier: ze liggen binnen schootsafstand aan de overkant van de Perzische Golf, herbergen Amerikaanse militaire bases en gaven de Iraanse aanvallen meteen een wereldwijde impact – net door hun internationale reputatie als thuishaven van miljonairs, hoge torens, expats en influencers.

De afzonderlijke Golfstaten reageerden wel verschillend op de Iraanse brutaliteit. Allemaal waren ze geschokt, maar sommige Golfstaten voelden zich meer dan andere bedrogen door de kwansuis Amerikaans-Israëlische aanval. Ze hadden nochtans allemaal uitstekende relaties met president Donald Trump nagestreefd – vertaald in miljardeninvesteringen in de Amerikaanse economie en wapenhandel – en hadden Trump geadviseerd tegen een overhaast offensief.

“De Golfstaten worden gegijzeld door drie werkelijkheden”, zo verwoordde Hamad Althunayyan, politicoloog aan de Kuwait University, het onlangs op CNN: “Een oorlog waarvoor ze niet kozen, een oorlogsbelust Iraans regime dat zijn ongerechtvaardigde agressie voortzet als buur en een Amerikaanse geopolitieke berekening die de objectieven van de Israëlische premier Netanyahu boven de veiligheid en stabiliteit van de Golf stelt.”

Het toenemende schisma tussen de Emiraten en Saudi-Arabië lijkt net rond de verdere aanpak van de gevolgen daarvan te draaien. Het grote Saudi-Arabië vond in 2023, na decennia van bitse vijandschap, een modus vivendi met het Iraanse regime. Kroonprins Mohamed Bin Salman (MBS) zou niet treuren om de val van de ayatollahs, maar de ontwikkeling van zijn eigen land wordt nu in gevaar gebracht door een regionale oorlog zonder helder perspectief. Hij zet in op een regionale oplossing via bemiddeling door Turkije en Pakistan, waarmee Saudi-Arabië vorig jaar een defensieakkoord sloot. Pakistan speelt nu een centrale rol in de onderhandelingen met de VS, die maar niet vlotten.

Voor alle Golfstaten is de huidige situatie penibel: een limbo waaraan geen einde lijkt te komen en die elke heropleving belet. De Emiraten sloten in 2020 een ‘Abraham-akkoord’ met Israël, wat erg slecht viel in de Arabische regio. Net als Israël lijken ze op een hervatting van de oorlog aan te dringen in de hoop op een ‘definitieve oplossing’. Volgens presidentieel adviseur Gergesh is een “aloud debat” in de Golfstaten, tussen “haviken en duiven” over de omgang met Iran, nu beslecht. Als de andere Golfstaten niet mee in die oorlog willen stappen, doen de VAE het maar alleen, lijkt de suggestie.