‘ Ze hebben de vonnissen uitgesproken, papa. Ik heb de doodstraf gekregen. Vertel niets aan mama.’ Met dit nieuws belde Mohammad Mehdi Karami (22) vorige week woensdag naar zijn vader. Drie dagen later werd de twintiger samen met Seyed Mohammad Hosseini (39) opgehangen. De Iraanse autoriteiten hadden de twee mannen beschuldigd van ‘corruptie op aarde’, omdat ze betrokken zouden zijn bij een moord op een lid van de Basij-militie tijdens de protesten in Karaj in november. Met Karami en Hosseini heeft het regime op minder dan een maand tijd in totaal vier executies uitgevoerd op Iraanse demonstranten.
De processen van Karami en Hosseini verliepen, net zoals bij Mohsen Shekari (23) en Majid Reza Rahnavard (23) die eerder de doodstraf kregen, haastig en achter gesloten deuren. Geen enkele beschuldigde had recht op een zelfgekozen advocaat.
• Al tweede executie in Iran: ‘Regime wil tonen dat het controle behoudt’
Sinds midden september komen Iraniërs de straat op. Wat begon als een kreet om rechtvaardigheid voor de dood van de Koerdisch-Iraanse Mahsa Amini (22) is geëvolueerd naar de wil om het beleid van de ayatollahs omver te werpen. De Iraanse veiligheidstroepen hebben al bijna 20.000 arrestaties uitgevoerd. Meer dan 500 Iraniërs zijn gestorven. Maar het bloedvergieten houdt de demonstranten niet tegen.
Om de protesten de kop in te drukken gebruikt het Iraanse regime daarom sinds december de doodstraf als nieuw drukmiddel. Maar de executies lijken het omgekeerde effect te bereiken. Meer dan de angst vergroten ze de woede bij de demonstranten. Kunst speelt daarbij een rol. Op sociale media circuleren talloze tekeningen van artiesten die de repressie een gezicht geven.
Tientallen andere Iraniërs die de voorbije maanden hebben geprotesteerd, riskeren nog altijd de doodstraf. Zo kwamen dit weekend al berichten dat Mohammad Ghobadlou en Mohammad Broghani de volgenden zouden zijn. De twee Iraniërs zitten vast in de Rajai Shahr-gevangenis in de stad Karaj, op 40 kilometer van Teheran. Op zondagnacht kwamen daar tientallen mensen, onder wie ook de moeder van Ghobadlou, protesteren tegen hun executie. ‘Tot de moellahs weg zijn, is het vaderland niet van ons’, werd er geroepen. ‘Als je de executies uitvoert, komt er een opstand.’
Het was de meest intense protestdag in Iran sinds begin december, meldde het Institute for the Study of the War, een Amerikaanse denktank die de opstand dagelijks monitort. Dat was niet toevallig. Op zondag 8 januari schoten drie jaar geleden troepen van de Iraanse Revolutionaire Garde een Oekraïens burgervliegtuig neer. Alle 176 passagiers en bemanningsleden kwamen om. Iraniërs kwamen zondag massaal de straat op om die slachtoffers te eren.