Na een korte onderbreking, vlak na de goedkeuring van de pensioenhervorming door het parlement, kunnen 60-plussers sinds enkele weken opnieuw hun vroegste pensioendatum opzoeken via mypension.be. Die datum combineert het bereiken van een minimumleeftijd met een vereist aantal loopbaanjaren – voor wie op 62 jaar met vervroegd pensioen wil, moeten er minstens 43 loopbaanjaren op de teller staan, vanaf 63 jaar worden dat 42 loopbaanjaren. Steeds in de veronderstelling dat u tot aan die datum doorwerkt zoals u nu bezig bent.

Tot voor de pensioenhervorming door de regering-De Wever volstonden 104 gewerkte of gelijkgestelde dagen om een kalenderjaar als loopbaanjaar te doen meetellen. Vanaf 1 januari 2027 schuift de drempel op naar 156 dagen.

De ‘nieuwe’ werktellers vindt u sinds vorige maand terug in uw persoonlijke dossier op de website van de Federale Pensioendienst: mypension.be. Ze gelden voor de berekening van uw vroegste pensioendatum, maar ook om te bepalen of u de toepassing van een pensioenmalus riskeert, dan wel in aanmerking komt voor een pensioenbonus als u na uw wettelijke pensioendatum blijft doorwerken.

Die tellers zijn bedoeld om duidelijkheid te creëren, maar roepen ook heel wat vragen op, geeft Vik Buellens, woordvoerder van de Federale Pensioendienst toe. “Veel mensen begrijpen niet waarom de tellers voor de bonus en de malus andere getallen vertonen. We proberen de verwarring te verhelpen door bij het getal een extra begeleidende tekst te plaatsen.”

De pensioenmalus is een vermindering van uw pensioenbedrag bij vervroegd pensioen en wordt toegepast als u tijdens uw carrière te weinig dagen heeft gewerkt. Om de malus te vermijden, moet u minstens 35 jaar van 156 gewerkte dagen hebben gepresteerd én moet u over uw hele loopbaan minstens 7.020 dagen hebben gewerkt. Komt u daar niet aan, dan wordt uw vervroegd pensioen verminderd met 2, 4 of 5 procent per jaar dat u vroeger met pensioen gaat dan de wettelijke pensioenleeftijd. Bent u geboren voor 1966 dan bedraagt de vermindering 2 procent, tussen 1966 en 1974 is dat 4 procent en vanaf het geboortejaar 1975 wordt dat 5 procent vermindering per jaar vervroeging.

Bij de pensioenmalus wordt het begrip ‘gewerkte dagen’ nog relatief ruim geïnterpreteerd. Naast de dagen die u effectief heeft gewerkt (inclusief legerdienst), tellen ook dagen mee in ziekte of invaliditeit, plus moederschapsrust en sommige zorgverloven of tijdskredieten met motief. Voor zelfstandigen kijkt men naar de kwartalen waarvoor sociale bijdragen werden betaald.

De belangrijkste boosdoeners voor de malus zijn periodes van deeltijds werk, werkloosheid (inclusief brugpensioen of SWT), landingsbanen en ongemotiveerde loopbaanonderbrekingen of tijdskredieten. Die worden niet beschouwd als ‘gelijkstellingen’ en tellen dus niet mee.

De pensioenbonus is een procentuele vermeerdering van uw pensioen die u krijgt als u na de wettelijke pensioenleeftijd doorwerkt. Om daarvoor in aanmerking te komen, moet uw loopbaan minstens 35 jaar van minstens 156 dagen tellen én moet u tijdens uw volledige loopbaan minstens 7.020 dagen gewerkt hebben. Als aan beide voorwaarden is voldaan, krijgt u per jaar dat u langer werkt, een bonus van 2, 4 of 5 procent op uw pensioen.