De Nederlandse premier Rob Jetten (D66) stond enkele jaren geleden nog bekend als “klimaatdrammer”. Zijn Belgische ambtgenoot Bart De Wever (N-VA) is eerder aanhanger van de “haalbaar en betaalbaar”-school. Toch waren ze het dinsdag met elkaar eens over een maatregel die alles te maken heeft met de vergroening van de samenleving. Gezamenlijk huldigden ze in Antwerpen een nieuwe hoogspanningsverbinding in tussen beide landen.

Investeringen in hoogspanning zijn nodig om de afbouw van fossiele brandstoffen mogelijk te maken. De verbranding van olie en gas voor transport, verwarming en industrie wordt immers steeds meer vervangen door elektrische alternatieven, die minder uitstoot veroorzaken. Daarvoor zijn gigantische investeringen in infrastructuur nodig. Hoogspanningsbedrijf Elia Group wil dit jaar 6,5 miljard euro investeren. Vorig jaar ging het om 5,2 miljard. In twee jaar tijd investeert Elia Group meer dan het Oosterweelproject kost. Het geeft een idee van de omvang van de uitdaging.

De logica achter de versterking van het grensoverschrijdende hoogspanningsnet is helder. Hoe minder stroom we uit de verbranding van fossiele brandstoffen halen, hoe belangrijker import en export worden. En als het op de Noordzee flink waait, moet die stroom ook naar het Europese binnenland vervoerd kunnen worden. Idem voor stroom uit zonnepanelen die in Zuid-Europa meer opbrengen, en voor waterkrachtcentrales die in bergachtige gebieden geconcentreerd zijn. Zelfs de productie van kernenergie, normaal een erg betrouwbare energiebron, blijkt bij de huidige droogte in Centraal-Europa in de problemen te komen, met extra stroomimport uit buurlanden tot gevolg.

Elia Group speelt volop in op die uitdagingen. Maar om alle noodzakelijke projecten tot een goed einde te brengen, is het nodig dat ook de overheid de noodzaak ervan inziet en daarnaar handelt. Dat de twee premiers nieuwe projecten in Antwerpen en Limburg een warm hart toedragen, is positief. Minder positief is het getreuzel met het nieuwe windpark op zee. Minister van Energie Mathieu Bihet (MR) heeft in dit dossier zoveel tijd verloren laten gaan dat het bedrijfsleven alarm sloeg. Na anderhalf jaar staat het dossier precies even ver als bij het aantreden van deze regering.

De analyse over de Europese energievoorziening is al vaak gemaakt. Een lagere afhankelijkheid van fossiele energie vermindert de uitstoot, maar damt ook de miljardenstroom naar Noorwegen, de Verenigde Staten, Rusland en het Midden-Oosten af. Dat geld kunnen we beter besteden. De energietransitie richting “duurzame en klimaatneutrale energieproductie” staat letterlijk als doelstelling in het regeerakkoord. De wil is er. Nu de daden nog.