“We moeten tot op de bodem uitspitten wat er gebeurd is in Ceuta”, zei premier Bart De Wever dinsdag, gevraagd naar een reactie op de crisis in de Spaanse enclave. Die vraag houdt vijf dagen na de massale grensoversteek wel meer mensen bezig. Want de politieke naschokken laten zich nog volop voelen. Volgens de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska (PSOE) slaagden vorige week in totaal 72.000 mensen erin de grens met Ceuta over te steken. 70.000 van hen zouden zijn teruggekeerd, maar het blijft onrustig in de enclave. De lokale overheid zal vanuit Madrid een “uitzonderlijk” bedrag van 25 miljoen euro ontvangen voor de opvang van een duizendtal niet-begeleide minderjarigen die niet zomaar teruggestuurd mogen worden. De dodentol van de dramatische episode steeg ondertussen tot 75.
De Spaanse regering was er vrijdag snel bij om de verantwoordelijkheid voor het migratiedebacle bij anonieme “mensensmokkelaars” en “desinformatie op sociale media” te leggen. Maar dat verklaart nog niet waarom de Marokkaanse grenswachten donderdag besloten om tijdelijk het werk neer te leggen. Een fotograaf van het persagentschap AP zag agenten passief toekijken terwijl duizenden mensen zich naar de grensovergang begaven. Verschillende migranten bevestigden die indruk. Ze gaven zelfs aan actief te zijn aangemoedigd bij hun oversteekpoging.
Dat is geen nieuw fenomeen, bevestigt onderzoekster Sarah Zaaimi, verbonden aan de prominente denktank Atlantic Council. Integendeel, Rabat zet migratie wel vaker in als politiek wapen. Elk jaar vinden rond Ceuta en Melilla incidenten plaats. Maar in tegenstelling tot de vorige grootschalige escalatie in 2021 is de politieke boodschap aan het adres van Spanje vandaag niet eenduidig.
In 2021 joeg de plotse intrede van meer dan 6.000 mensen in het kleine Ceuta al een schokgolf door Spanje. Die kwam er toen echter niet in een vacuüm. De relaties met Marokko stonden al langer onder hoogspanning, met de politieke situatie in de Westelijke Sahara als heetste diplomatiek hangijzer. Marokko claimt al sinds het einde van de Spaanse koloniale overheersing in 1975 en tegen de wil van een sterke onafhankelijkheidsbeweging soevereine controle over het gebied aan zijn zuidgrens. Toen Spanje in 2021 besloot een leider van die onafhankelijkheidsbeweging, het Polisario Front, op het eigen grondgebied toe te laten voor een medische behandeling, was het hek van de dam. De eerste Ceuta-crisis was een signaal dat de regering-Sánchez moeilijk verkeerd kon interpreteren. In 2022 erkende Spanje de Marokkaanse soevereiniteitsaanspraken op de Westelijke Sahara.
Gezien de ambiguïteit rond de Marokkaanse intenties kijken analisten, op zoek naar oorzaken voor de jongste overrompeling van Ceuta, opnieuw naar de Westelijke Sahara. “Een week voor de crisis ging premier Pedro Sánchez op bezoek in Algerije. We weten dat Marokko dat niet fijn vindt”, zegt Blanca Garcés, een migratie-experte verbonden aan het Barcelona Centre for International Affairs. “Algerije was boos toen Sánchez de Marokkaanse soevereiniteit over de Westelijke Sahara bevestigde, maar Spanje zoekt nu opnieuw toenadering.”
Tegelijk, zegt Garcés, loopt er in Madrid een wetgevingsprocedure om mensen uit de Westelijke Sahara gemakkelijker toegang te geven tot de Spaanse nationaliteit. Het gaat met name om zo’n 80.000 Sahrawi’s geboren voor 29 september 1977, toen de Westelijke Sahara nog onder Spaanse controle stond, en hun afstammelingen. Er is nog niets definitief, maar in september zou een stemming in het Spaanse parlement uitsluitsel moeten geven. Ook die nakende erkenning kan volgens Garcés voor de Marokkaanse autoriteiten een aanleiding zijn geweest om de Ceuta-troefkaart te spelen.
“In Marokko groeit al langer het zelfvertrouwen, nu de relaties tussen Spanje en de VS onder druk staan en Washington zou overwegen zijn militaire basissen naar Marokko te verplaatsen”, zegt Zaaimi. “In de bilaterale relatie voelt Rabat dat het de sterkere bondgenoten heeft.” En dus wil het zich laten gelden.
Zaaimi waarschuwt tegelijkertijd voor een te simplistische analyse van de gebeurtenissen in Ceuta. “In Europa bestaat nu de neiging om naar een duidelijke verklaring te zoeken. Maar die is er niet”, zegt ze aan de telefoon. Zo is het goed mogelijk dat de Marokkaanse overheid vorige week donderdag de controle wat verloor, toen plots vele tienduizenden Marokkanen naar Ceuta trokken. “Het is opvallend dat de Marokkaanse autoriteiten zich in de nasleep van de crisis in stilzwijgen lijken te hullen. Velen vragen zich af waarom een duidelijke reactie uitblijft.”

.JPG)
