Negen miljoen euro: zoveel zouden de goudstaven en -munten waard zijn waarop jobstudent Kobe (18) tijdens verbouwingswerken in Dendermonde botste. Toen hij met een drilboor aan het werk was, werd onder de fundering van het gebouw goud aangetroffen.

Het gebouw waaronder het goud verborgen lag, is dat van de Oost-Vlaamse afdeling van het Centrum Algemeen Welzijnswerk in Dendermonde. Dat historische gebouw was dringend toe aan renovatie, zo kwam de schat aan het licht. Het gebouw staat in de streek bekend als het Brouwershuis. Ooit werd het gebouwd voor een steenrijke familie Dendermondse bierbrouwers. Hebben zij het goud er verborgen?

Die piste schuift voormalig burgemeester van Dendermonde en historicus Piet Buyse publiekelijk naar voren. Ook Luc Michiels, voorzitter van de lokale heemkundige kring en vertrouwd met de geschiedenis van zowel het gebouw als de brouwersfamilie, kijkt in die richting. “Geld hadden de Vanaskes genoeg. Ze konden er bij wijze van spreken niet te veel van hebben”, zegt Michiels.

Het verhaal begint bij Theophiel Van Assche. In 1899 kocht hij in de toen pas aangelegde Van Langenhovestraat in Dendermonde een enorm terrein om er een brouwerij te beginnen. In het begin van de twintigste eeuw liet hij naast de brouwerij het Brouwershuis bouwen, waar hij met zijn gezin ging wonen. Daar waar de goudschat opdook.

Op het smeedijzeren hek dat vandaag nog voor het gebouw staat, zijn de letters ‘VA’ nog altijd zichtbaar: Van Assche. “Steenrijk waren ze”, zegt Michiels, die enkele jaren geleden het volledige archief van de brouwerij wist te bemachtigen. “Ze brouwden voornamelijk tafelbier. Dat was destijds enorm populair en daar konden ze een mooie marge op nemen: veel alcohol zat er niet in.”

De familie verdiende niet alleen aan de brouwerij. Ze bezat ook een reeks cafés, waar – vanzelfsprekend – het eigen bier werd geschonken. “We zijn momenteel de exacte lijst aan het opmaken, maar naar schatting waren ze eigenaar van een zestigtal cafés”, zegt Michiels.

Daarnaast bezat de familie volgens hem nog heel wat ander vastgoed. “Ik ken iemand die bij de Van Assches huurde en zijn huurappartement wilde overkopen. Hij kreeg via een tussenpersoon als antwoord: ‘De Van Assches verkopen niet, zij kopen.’”

“Steenrijk”, “gierig” en “hautain”: zo omschrijft Michiels de Vanaskes, die hij persoonlijk heeft gekend. Niet stamvader Theophiel: die overleed in december 1921, amper 60 jaar oud, aan een hartaanval. Zijn dochter Maria heeft Michiels wel nog ontmoet.