Ze sloegen waarschijnlijk op de vlucht toen vrijdag de eerste vlammen opstaken in de Hoge Venen. Laaglandkorhoenen lijken wat op wilde kippen. De vrouwtjes zijn bruin om niet op te vallen, de mannetjes hebben rode wenkbrauwen om dat net wel te doen. Ver kunnen ze niet vliegen. Maar ze raakten net ver genoeg.

Van de ongeveer dertig korhoenders die vandaag in ons land leven, zijn er dertien voorzien van een gps-zender. “Zes daarvan geven geen signaal meer sinds de brand”, zegt bioloog Johann Delcourt (Universiteit Luik). “De zeven andere zijn nog aan het vluchten of bevinden zich iets verderop in het landschap.”

Die gps-zenders dragen ze, omdat het korhoen in de Lage Landen bedreigd is. In 2017 waren er in België amper drie individuen: één mannetje, twee vrouwtjes. Het plan was toen om met een re-integratieproject de soort opnieuw een toekomst te geven in de Hoge Venen. De Universiteit Luik, het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN), het Département de la Nature et des Forêts (DNF) en WWF sloegen de handen in elkaar. Ze trokken naar Zweden om er wilde korhoenders te vangen en die in België uit te zetten.

In 2017 kwamen de eerste tien vogels, een jaar later volgden er nog achttien. Dit voorjaar werden er nog eens 35 korhoenen uitgezet in de Hoge Venen. In Nederland kost een gelijkaardig project ongeveer 50.000 euro per jaar. Een flinke som geld, maar het leek succesvol. In het voorjaar van 2026 werden in België minstens veertien baltsende mannetjes geteld, tegenover amper één in 2016. “Nu loopt het project hoogstwaarschijnlijk gevaar”, zegt Delcourt, die aan de herintroductie meewerkte.

Het is nog te vroeg om te weten of het korhoen deze brand op lange termijn wel zal overleven. Wie het aan bioloog Tobias Ceulemans (UAntwerpen) vraagt, krijgt te horen dat ze zullen uitsterven. “Het blijft een gok. Maar ik ben voor 95 procent zeker. Hun leefgebied – de Fagne Wallone – lag midden in de meer dan 3.000 hectare die in de Hoge Venen in vlammen is opgegaan.”

Daar lag hun slaapplaats. Hun eetgebied. Hun plek waar de mannetjes in het voorjaar baltsen. Ze stappen er rond met afhangende vleugels, spreiden hun staartveren en maken koerende geluiden. De vrouwtjes kijken toe en kiezen hun partner. “Dat allemaal verplaatsen naar een ander veen lukt niet”, zegt Ceulemans. “Korhoenen zijn extreem plaatstrouw. Heel hun leven speelt zich af in dezelfde zone. Ze kennen elk struikje en weten waar ze veilig zijn voor een roofdier. Daar zit hun overleving in.”

De vogels die aan de vlammen ontsnapten, hebben dus weinig marge. Ongeveer een op de tien overleeft een plotse verhuizing. Met een beetje geluk zullen er in België dus drie korhoenders de ramp overleven. “Dat zijn er evenveel als aan het begin van het herintroductieproces”, zegt Ceulemans. “Het is een Adam- en Evaverhaal.”

Ze nog eens herintroduceren is niet vanzelfsprekend. De dichtstbijzijnde plek waar korhoenders nog voldoende voorkomen in het wild, is Zweden. Daar leven Scandinavische korhoenders. Die lijken zo hard op het laaglandkorhoen dat ze in de Hoge Venen kunnen overleven. Maar de populatie doet het recent niet meer zo goed in Zweden, dus krijgt België wellicht geen vergunning meer om ze daar te vangen.