Er klinkt een overweldigende urgentie uit Days of ash, de eerste lading nieuwe songs van U2 sinds Songs of experience uit 2017. Dit is níét het nieuwe album dat U2 dit jaar uitbrengt, schrijft Bono: dat worden “songs of celebration”. “Maar deze songs konden niet wachten. Het zijn liedjes van verzet, verbijstering en verdriet. Er is niets normaals aan deze waanzinnige tijden; we moeten ons ertegen verzetten voordat we weer vertrouwen in de toekomst kunnen hebben. En in elkaar.”

Het is een terugkeer naar de bevlogen U2 van zijn beginjaren. “We hebben er nooit voor teruggedeinsd om een ​​standpunt in te nemen”, schrijft drummer Larry Mullen. “We werkten in onze beginjaren samen met Amnesty International of Greenpeace. Daar krijg je soms kritiek op, maar het is een belangrijk onderdeel van wie we zijn en waarom we nog steeds bestaan.” Dat kan meteen een vraag zijn richting jonge artiesten: waarom protesteren alleen zestigplussers als Bruce Springsteen, Neil Young en U2?

De groep brengt zelfs nog eens een editie uit van Propaganda, het punky en activistische fanzine dat de band vanaf 1986 op onregelmatige tijdstippen aan zijn fans schonk. Het staat al online: 56 pagina’s bedenkingen van de groepsleden, songteksten en uitleg bij de zes nummers op Days of ash, en interviews met artiesten die aan de ep meewerkten.

Daarmee heeft de groep, die de laatste jaren leek uit te vissen hoe relevant hij nog is – Songs of surrender uit 2023 was een verzameling van nieuwe, grotendeels akoestische versies van oude songs – ook muzikaal zijn sturm-und-drang teruggevonden. De ep trapt af met de stormende rocker ‘American obituary’ en Bono die zingt “you have the right to remain silent … or not”, verwijzend naar het recht op vreedzaam protest dat Amerikanen volgens hun grondwet hebben, en naar de dood van Renee Good in Minneapolis. Razend is hij, dat het Amerikaanse ministerie van Justitie Good omschrijft als ‘binnenlandse terroriste’: “De dood van de waarheid is de geboorte van het kwaad.”

Het is, samen met ‘One life at a time’, de sterkste song op de ep, en een terugkeer van U2’s oude vorm, met mooie gelaagde stemmen in de intro en zo’n herkenbare, weidse gitaarsolo van The Edge. ‘One life at a time’ gaat over Awdah Hathaleen, de Palestijnse leraar Engels die als consultant werkte voor de film No other land, vorig jaar bekroond met de Oscar voor de beste documentaire. Vier maanden later werd Awdah vermoord door de kolonist Yinon Levi. Regisseur Basel Adra zei op zijn begrafenis dat de Palestijnen “leven na leven” werden uitgewist. Bono draait het om in positieve richting, naar “the world will align, one life at a time”.

De song wordt voorafgegaan door ‘Wildpeace’, een gedicht van de Israëlische dichter Yehuda Amichai, gelezen door de Nigeriaanse zangeres Adeola, op een bedje van de elektrische ruis en ruimtegeluiden waar U2 op Zooropa (1993) mee stoeide. Amichai, die ooit onder vuur lag voor een gedicht waarin hij God beschreef als een mecanicien die de wereld probeerde te repareren als een kapotte auto, schreef liever over het leven dan de dood. Maar de regels, “Ik weet dat ik weet hoe ik moet doden, dat maakt me volwassen. En mijn zoon speelt met een speelgoedpistool, dat zijn ogen open en dicht kan doen en mama kan zeggen”, zijn bijzonder wrang.

‘The tears of things’ is een protestballad, lijzig-vermoeid gezongen, waarin Michelangelo’s David in gesprek gaat met zijn maker. Het beeld heeft “500 jaar voor de hartjes-emoji werd uitgevonden”, zoals Bono blij schrijft, hartvormige pupillen. Maar “the giant-killer, with heart-shaped eyes” – was ook een strijder, weet de Bijbelvaste Bono. Days of ash bevat veel religieuze verwijzingen. Zo is de titel ‘The tears of things’ ook die van een boek van de Franciscaanse monnik Richard Rohr, die in oude Joodse geschriften op zoek ging naar advies hoe je als gelovig mens moet omgaan met geweld.

U2 droeg ‘Song of the future’ op aan de zestienjarige Sarina Esmailzadeh, een van de Iraanse scholieren die actief was in de “Vrouw, leven, vrijheid”-protesten van 2022. Volgens de Iraanse ‘moraliteitspolitie’ pleegde ze zelfmoord, volgens een onderzoek van Amnesty International werd ze doodgeslagen. Het heeft niet de sterkste tekst van de vijf songs, maar Adam Clayton, die de baslijn van Talk Talks ‘It’s my life’ speelt, geeft er een optimistische lichtvoetigheid aan.